
Het energielabel laat in één oogopslag zien hoe energiezuinig een woning is. De schaal loopt van A++++ (zeer zuinig) tot G (zeer onzuinig). In dit artikel leest u wat de klassen betekenen en hoe u een stap omhoog zet.
Wat betekenen de klassen?
De labelklasse zegt iets over de berekende energieprestatie per vierkante meter per jaar. Globaal:
- A tot en met A++++: zeer energiezuinig, lage energiekosten. Vaak goed geïsoleerd, met efficiënte installaties en soms zonnepanelen.
- B en C: redelijk tot goed; veel jaren-90- en nieuwere woningen zitten hier.
- D en E: gemiddeld tot matig; meestal valt hier nog flinke winst te halen met isolatie.
- F en G: onzuinig; vaak oudere, slecht geïsoleerde woningen met hoge stookkosten.
Twee even grote woningen kunnen sterk verschillen in label. Isolatie, glas, verwarming en ventilatie maken samen het verschil.
Nieuw labelontwerp sinds 29 mei 2026
Sinds 29 mei 2026 heeft het energielabel een nieuw ontwerp, met meer informatie over de energieprestatie van de woning. De klassen zelf blijven lopen van A++++ tot G. Een label blijft 10 jaar geldig; de einddatum staat op het label.
Het energielabel is 10 jaar geldig. Sinds 29 mei 2026 geldt de labelplicht bij verkoop en verhuur ook voor monumenten.
Bron: RVO: Energielabel woning verplicht (opent in een nieuw venster)
Hoe wordt de klasse bepaald?
De klasse rolt uit een berekening volgens de norm NTA 8800, op basis van een opname ter plaatse (volgens ISSO 82.1). De adviseur legt onder meer vast: de isolatie van dak, gevel, vloer en ramen, het type verwarming en ventilatie, en eventuele zonnepanelen. Daar komt een energieprestatie uit, die wordt vertaald naar een labelklasse en geregistreerd in EP-online. Meer hierover in NTA 8800 & ISSO 82.1 simpel uitgelegd.
Wat levert een labelsprong op?
- Lagere energiekosten: een zuiniger huis stookt goedkoper.
- Een aantrekkelijker woning bij verkoop of verhuur.
- Meer WWS-punten: het label telt mee in de puntentelling en dus in de maximale huur.
- Comfort: minder tocht en koude vloeren.
Van label E naar A++ levert 56 WWS-punten op bij een eengezinswoning en 52 punten bij een meergezinswoning, zoals een appartement. De volledige tabel staat in Zo verhoogt u uw WWS-punten.
Bron: Huurcommissie: beleidsboek WWS zelfstandige woonruimte, hoofdstuk 2 (opent in een nieuw venster)
Van een laag naar een hoog label
De meest effectieve maatregelen zijn meestal: isolatie (dak, vloer, spouwmuur), HR++- of triple glas, een efficiëntere verwarming (bijvoorbeeld een warmtepomp) en zonnepanelen. Welke combinatie voor uw woning het meeste oplevert, hangt af van de huidige situatie. Daar is een gericht verbeteradvies voor.
Dit artikel is informatief. De exacte klasse volgt altijd uit een opname en berekening van uw specifieke woning.
Veelgestelde vragen
De schaal loopt van A++++ (zeer zuinig, lage energiekosten) tot G (zeer onzuinig, hoge stookkosten). B en C zijn redelijk tot goed, D en E gemiddeld tot matig.
De klasse volgt uit een berekening volgens de norm NTA 8800, op basis van een opname ter plaatse (ISSO 82.1). De adviseur legt onder meer de isolatie, het type verwarming en ventilatie en eventuele zonnepanelen vast; de uitkomst wordt geregistreerd in EP-online.
Lagere energiekosten, een aantrekkelijker woning bij verkoop of verhuur, meer WWS-punten (en dus een hogere maximale huur) en meer comfort.
Meestal isolatie (dak, vloer, spouwmuur), HR++- of triple glas, een efficiëntere verwarming zoals een warmtepomp, en zonnepanelen. Welke combinatie het meeste oplevert, hangt af van de huidige situatie van de woning.
Ja. Isolatie, glas, verwarming en ventilatie maken samen het verschil, dus twee even grote woningen kunnen sterk verschillen in labelklasse.
Officiële bronnen
- RVO: Energielabel woning verplicht (opent in een nieuw venster)
- Huurcommissie: beleidsboek WWS zelfstandige woonruimte, hoofdstuk 2 (opent in een nieuw venster)
Gecontroleerd op 24 september 2026.